Een oversteek kan in de voorrang zitten (zebra) of uit de voorrang zijn. Het zicht tussen de voetganger een het aankomende voertuig moet voldoende zijn om te kunnen beslissen of de voetganger veilig de overkant kan halen. Daarbij wordt de inschatting gemaakt op basis van de aanname dat het voertuig niet zal remmen. Maar ook voor de automobilist moet er voldoende zicht op de voetganger zijn. Hierbij gaat de bestuurder er vanuit dat de voetganger zal gaan oversteken.
De noodzaak van een voetgangersoversteekplaats met zebra markering is afhankelijk van de te verwachten wachttijd voor de voetganger. Bij een te lange wachttijd gaat de voetganger risico’s nemen door te kleine hiaten te accepteren.
Wachttijd Calculator Voetganger
Een zebra is niet altijd dé oplossing. Onderzoek ook de mogelijkheden om de oversteekafstand te verkorten, bijvoorbeeld door het toepassen van een middengeleider.
Bij een oversteek met zebra markering zijn twee zaken bepalend, het oploopzicht en het remzicht. Het oploopzicht wordt bepaald door het beslispunt van de voetganger. Richtlijnen stellen dat dit op 2 meter vóór de oversteek is. De oversteeklengte wordt daarom met 2 meter vermeerderd. Het remzicht gaat uit van een nog comfortabele remvertraging van 2 m/s2. Het heeft geen zin om te ontwerpen op een noodstop.
Zichtlengte Calculator (ASVV)

Het is sterk te adviseren om de juridische én werkelijke snelheid bij een voetgangersoversteekplaats terug te brengen tot maximaal 30 km/h.
Het CROW heeft hierover meerdere publicaties en richtlijnen uitgebracht. Klik hier om naar de website van het CROW te gaan.
Een voetgangersoversteekplaats met zebramarkering heeft een juridische status. Er zijn daarom voorschriften opgenomen voor de uitvoering van een dergelijke oversteek. De Uitvoeringsvoorschriften BABW inzake verkeerstekens schrijft het volgende bij het bord L2:
Bord L2 (voetgangersoversteekplaats)
Toepassing
1 Dit bord wordt uitsluitend toegepast bij een zebra.
Plaatsing
1 Bij voorkeur wordt dit bord in een middengeleider dan wel boven de rijbaan aangebracht.

En verder in paragraaf 2, lid 9:
9 De voetgangersoversteekplaats (zebra), zoals bedoeld in art. 49.2 van het RVV 1990ToepassingEen zebra wordt slechts toegepast:
- -op wegen binnen de bebouwde kom met een maximumsnelheid van 30 km/h of 50 km/h en;
- -op wegen buiten de bebouwde kom met een maximumsnelheid van 30 km/h mits de naderingssnelheid van minimaal 85% van de motorvoertuigen lager is dan 50 km/h.
1 Een zebra bestaat uit een dwars op de wegas aangebrachte markering met een breedte van ten minste 4 m, bestaande uit witte strepen met een breedte en een tussenliggende afstand van 0,4 tot 0,6 m.
2 Bij een zebra wordt, behalve bij verkeerslichten, altijd bord L2 geplaatst.
